U bezoekt onze website met een verouderde browser, waardoor onze website niet correct wordt weergegeven.
Wij adviseren Internet Explorer 9, 10 of 11 (zonder compatibiliteitsmodus), of een recente versie van Microsoft Edge, Google Chrome, Mozilla Firefox, Apple Safari.

Overgangsnormen

Rapportage en bevordering

Een schooljaar bestaat uit vier periodes. Aan het einde van een periode ontvang je een rapport.

Bij de totstandkoming van rapportcijfers werkt de school met een periodecijfer en een doorlopend gemiddelde. Zo staat op rapport 2 het periodecijfer van periode 1 en van periode 2 en het doorlopend gemiddelde. Het periodecijfer en het doorlopend gemiddelde worden op het rapport vermeld met één decimaal. Hoe zwaar de resultaten per toets meetellen berust op in de school gemaakte afspraken. 

Brugklas

Leerlingen krijgen met rapport 3 een voorlopig advies. Aan het einde van het schooljaar gelden de volgende overgangsnormen.
Er geldt het volgende:

  • Bij de berekening van het gemiddelde cijfer tellen de volgende vakken niet mee: tekenen, handvaardigheid, rekenen, lichamelijke oefening, levensbeschouwing en muziek.
  • Voor de berekening van het aantal tekorten tellen alle vakken mee.

Klik op de afbeelding om deze te vergroten

Klas 2

Wanneer hieronder wordt gesproken over het aantal tekorten en het gewogen gemiddelde, berekend over de niet-afgeronde eindcijfers, geldt het volgende:

  • Bij de berekening van het gemiddelde cijfer tellen de volgende vakken niet mee: tekenen en handvaardigheid, beeldende vorming (mavo 3), rekenen, lichamelijke oefening, levensbeschouwing en muziek.
  • Voor de berekening van het aantal tekorten tellen alle vakken mee.

Klik op de afbeelding om deze te vergroten

Mavo 3 > Mavo 4

  • maximaal 3 tekorten;
  • maximaal 1 tekort in de examenvakken en 2 tekorten in de niet-examenvakken heeft,
    of
    maximaal 2 tekorten in de examenvakken heeft, inclusief een compensatiepunt (>7,0 ) binnen de examenvakken en 1 tekort in een niet-examenvak;
  • minimaal een 6,0 gemiddeld;
  • minimaal een 5,0 voor Nederlands.

Hierbij geldt:

  • geen eindcijfer mag 3 of lager zijn;
  • de vereiste praktische opdrachten en/of handelingsdelen in het huidige schooljaar zijn afgerond;
  • het vak KV1 is minimaal voldoende
  • de leerling mag een zevende examenvak kiezen indien hij/zij:

    • gemiddeld een 6,5 over het niet afgeronde eindcijfer van de zeven vakken uit het examenpakket staat;
    • minimaal een 6,0 heeft voor Nederlands.

Havo 3 > Havo 4

  • maximaal 3 tekorten;
  • een gewogen gemiddelde van minimaal 6,3, berekend over de niet-afgeronde eindcijfers;
  • maximaal 1 tekort in de vakken Ne, En en wi.

Daarnaast geldt nog de aanvullende bevorderingsvoorwaarde, het 'puntencriterium':
Voor een bevordering naar havo 4 gelden aanvullende eisen met betrekking tot het gekozen pakket. Indien de cijfers van de leerling niet aan deze eisen voldoen, dient de leerling een ander pakket te kiezen of kan besloten worden dat de leerling niet bevorderd kan worden naar leerjaar 4 op de betreffende afdeling. Het betreft de volgende aanvullende eisen:

  • Een leerling wordt toegelaten in het gekozen profiel indien hij voor de vier gekozen profielvakken en het vak in het vrije deel op het eindrapport afgerond tot ten minste 32 punten komt. Als een leerling slechts vier van deze vijf vakken in de derde klas heeft gehad, dient hij daarvoor ten minste 26 punten te hebben behaald en bij drie vakken ten minste 20 punten.
  • Halfjaarsvakken in de derde klas tellen niet mee bij de bepaling van het aantal punten.

Havo 4 > Havo 5

  • maximaal 3 tekorten;
  • een gewogen gemiddelde van minimaal 6,0 of hoger, berekend over de niet afgeronde eindcijfers;
  • maximaal 1 tekort voor Ne, En of wi;
  • LO en CKV tellen niet mee in het gemiddelde. CKV moet voldoende zijn afgesloten.

Bij de overgangsvergadering worden alle leerlingen die niet aan de overgangsnormen voldoen besproken.

Uitgangspunt is artikel 9 van het Algemeen Schoolreglement| Leerlingenstatuut waarin de rapportage is geregeld.